Werk je met oproepkrachten, tijdelijke medewerkers of uitzendkrachten? Dan krijg je te maken met nieuwe regels. De Wet meer zekerheid flexwerkers is inmiddels definitief en de ingangsdata zijn vastgesteld. De meeste veranderingen volgen in 2028, maar voor uitzendkrachten verandert er al eerder iets. Wat kun je als werkgever verwachten?
Oproepcontract maakt plaats voor bandbreedtecontract
Een belangrijke verandering is het verdwijnen van het reguliere nulurencontract. Vanaf 1 januari 2028 komt daarvoor het bandbreedtecontract in de plaats. Daarbij spreek je met de werknemer een minimum aantal uren af waarvoor je loon betaalt. Het maximum aantal uren waarvoor de werknemer beschikbaar moet zijn, mag maximaal 130 procent van dat minimum bedragen.
Heeft iemand bijvoorbeeld een contract voor minimaal 20 uur per week, dan kan de bovengrens maximaal 26 uur zijn. Buiten de afgesproken bandbreedte hoeft de werknemer niet te werken. Voor onder meer scholieren en studenten blijven uitzonderingen mogelijk.
Werk je nu veel met oproepkrachten? Dan kan deze wijziging gevolgen hebben voor de manier waarop je roosters en personeelsbezetting organiseert.
Langere onderbreking bij tijdelijke contracten
Ook de regels voor opeenvolgende tijdelijke contracten worden aangescherpt. Nu kan na drie tijdelijke contracten of drie jaar een onderbreking van zes maanden ervoor zorgen dat een nieuwe keten van tijdelijke contracten begint. Vanaf 2028 wordt deze tussenperiode in principe drie jaar.
Daarmee wordt het lastiger om medewerkers na een relatief korte onderbreking opnieuw tijdelijk in dienst te nemen. De gedachte achter de wijziging is dat structureel werk vaker leidt tot een vast dienstverband.
Werk je veel met tijdelijke contracten, bijvoorbeeld vanwege seizoensdrukte of wisselende opdrachten? Dan kan het verstandig zijn om ruim voor 2028 te bekijken wat deze verandering voor je personeelsplanning betekent.
Voor uitzendkrachten verandert eerder iets
Niet alle onderdelen van de wet wachten tot 2028. Vanaf 1 januari 2027 gelden nieuwe regels voor de arbeidsvoorwaarden van uitzendkrachten. Zij moeten recht krijgen op arbeidsvoorwaarden die ten minste gelijkwaardig zijn aan die van vergelijkbare werknemers bij de opdrachtgever.
Vanaf 1 januari 2027 volgen ook andere wijzigingen in de regels voor het ter beschikking stellen van arbeidskrachten. Zo moet je als inlener wijzigingen in arbeidsvoorwaarden tijdens de periode van inhuur tijdig doorgeven aan het uitzendbureau.
Zet je regelmatig uitzendkrachten in? Dan komt de eerste verandering dus al aan het einde van dit jaar.
Wanneer verandert wat?
Vanaf 2027: nieuwe regels voor gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden van uitzendkrachten en andere wijzigingen rond het ter beschikking stellen van arbeidskrachten.
Vanaf 2028: onder meer de nieuwe regels voor oproepcontracten en tijdelijke contracten.
De nieuwe regels gaan niet allemaal tegelijk in. Daardoor hoef je je personeelsbeleid ook niet van de ene op de andere dag om te gooien. Wel is dit een logisch moment om te bekijken welke vormen van flexibele arbeid je gebruikt en wanneer de veranderingen voor jouw organisatie relevant worden.
Verandert hierdoor je personeelsbestand of de manier waarop je medewerkers inzet? Dan kijken we graag met je mee of dit ook gevolgen heeft voor je verzekeringen.